Klant Contact Centrum van de gemeente Emmen

Vrijstaand bijgebouw bouwen

Voor het bouwen van een vrijstaand bijgebouw heeft u vaak een omgevingsvergunning van de gemeente nodig.

Beschrijving

Een vrijstaand bijgebouw is een gebouw dat niet verbonden is met het hoofdgebouw. Het is een overdekte ruimte en heeft minimaal 2 muren. Een voorbeeld van een vrijstaand bijgebouw is een vrijstaande garage bij een woning. 

Hoe groter en hoger een vrijstaand bijgebouw is, hoe meer overlast het kan geven. De naastgelegen percelen krijgen minder zon en het woonplezier van de buren kan minder worden. Ook het volbouwen van het achtergebied wil de gemeente voorkomen.

Daarom zijn er regels voor een vrijstaand bijgebouw opgesteld. Voor het bouwen heeft u meestal een omgevingsvergunning nodig. De gemeente gebruikt landelijke regels om te beoordelen of uw bouwwerk is toegestaan. Als uw bouwwerk voldoet aan de landelijke regels, kan de beoordeling van uw aanvraag versneld worden. Deze regels kunt u zelf checken, zie het kopje 'Voorwaarden'. 

Aanvragen

Soms heeft u zelfs geen vergunning nodig. Voor sommige bouwwerken kunt u onder voorwaarden bouwen zonder omgevingsvergunning. Doe daarom voor de zekerheid altijd de  Vergunningscheck op Rijksoverheid.  Uitgebreide informatie en de regels over vergunningsvrij bouwen vindt u ook in de brochure van Rijksoverheid.  

Heeft u goed alle regels gecheckt, vraag dan een omgevingsvergunning aan voor uw uitbouw. Deze vraagt u aan in het landelijke Omgevingsloket. 

Voorwaarden

  • Een bijbehorend bouwwerk kan alleen worden gebouwd op het erf dat hoort bij het hoofdgebouw. Dit moet in het bestemmingsplan staan. Het mag niet op het voorerf worden gebouwd of aan de voorkant van de woning. 

  • Een vrijstaand bijgebouw mag niet worden bewoond, omdat wonen alleen is toegestaan in het hoofdgebouw. 

  • Een vrijstaand bijgebouw moet passen bij de huizen van de omgeving. Hebben het hoofdgebouw en de gebouwen in de omgeving vooral platte daken, dan moet het vrijstaande bijgebouw ook met een plat dak worden afgedekt.
  • Elk vrijstaand bijgebouw moet een kleiner oppervlak hebben en minder hoog zijn dan het hoofdgebouw. De toegestane oppervlakte van het vrijstaande bijgebouw is afhankelijk van de totale hoeveelheid bebouwing op het stuk grond. Bij een woning mag een vrijstaand bijgebouw worden gebouwd als 50% van het achtererfgebied onbebouwd blijft en de totale bebouwing is niet meer dan 250 m2. Onder de totale bebouwing vallen de hoofdgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen
  • De nokhoogte van een vrijstaand bijgebouw mag maximaal 6 meter zijn. De goothoogte is maximaal 3 meter. 

  • Een vrijstaand bijgebouw moet minimaal 1 meter achter de gevellijn worden gebouwd. Het mag op de erfgrens gebouwd worden als de bouwhoogte niet meer is dan 3,5 meter. Als het hoger is dan 3,5 meter, moet minimaal 3 meter uit de erfgrens staan. 

  • Bij woningen die op een hoek zijn gelegen, geldt dat de plaatsing van een bijgebouw vóór de voorgevelrooilijn niet is toegestaan. 

Uitgebreide informatie en de regels vindt u op de website Vergunningsvrij bouwen en op de website van Rijksoverheid. Ook  kunt u hier de Vergunningscheck doen.