Landschap met water en bomen

Poep

27 februari 2024
Column burgemeester

In de krokusvakantie gaan we een paar dagen naar Den Haag, stad van mijn jeugd. We slapen op mijn verzoek in het Kurhaus. Dat was wat vroeger! In ons familie-album zit nog een beroemde foto van Zwolse opa en oma in lange jassen op het warme Scheveningse strand. Op de achtergrond prijkt het Kurhaus, toen nog niet omringd door gebouwen die ontworpen zijn door luie architecten. Als eenvoudig kind kwam je daar niet. Nu is het toch wel wat vergane glorie. 
Natuurlijk gaan we ook nog even naar de oude Haagse wijk waar ik opgroeide. Het was toen al geen villawijk, maar nu maakt het helemaal een troosteloze indruk. Ik loop wat door de gemeenschappelijke tuin, waar ik honderden uren heb gevoetbald. Op ‘onze’ veldjes staan nu struiken, die in onze tijd de avond niet hadden gehaald. Het gras ziet er veel te groen uit; wij voetbalden op vlaktes waar geen grassprietje een lang leven had. In je jeugdherinnering is alles veel groter. Nu kan ik het me haast niet voorstellen dat we hier tien tegen tien (en soms nog wel met meer) speelden. 
Tussen drukke voetbalbedrijven door moesten we ook nog naar school. Onbegrijpelijk. Gelukkig ging het leren me makkelijk af. Dat gold niet voor elk kind in deze sobere Haagse volkswijk; niet ieder kind kon even goed “meekomen”. Op de school kregen de vlotte leerlingen met het jaar een grotere voorsprong. 
De vraag is of het in deze tijd zo gek anders gaat. Wanneer je het laatste Onderwijsblad leest van de onderwijsvakbond komt de rampspoed je tegemoet. Er is een lerarentekort, de politieke partijen missen visie, de stages gaan niet goed en de leraren weten steeds minder en houden niet van lezen. 
Leraar Ton van Haperen wijst op een nog veel groter probleem: de taalvaardigheid van de leerlingen. Meer dan dertig (!) procent van de 15-jarigen leest beroerd. Ook met de rekenvaardigheid is het matig gesteld. Bovendien loopt de algemene kennis ook terug; zo weet 25 procent van de kinderen niets van de Holocaust. 
Hij concludeert dat met dit soort uitkomsten “de poep de ventilator raakt”. Ik kende de uitdrukking niet. Wat slecht is, wordt steeds slechter. En daarbij geeft iedereen in Onderwijsland elkaar de schuld. De besturen klagen over te weinig geld, de leraren over slecht bestuur en moeilijke ouders, en de ouders over luie leraren. Je wordt er niet vrolijker van. 
Bijna zestig jaar later profiteren nog steeds de beste leerlingen het meest van het onderwijs. De zwakke leerlingen hebben het meeste last van slecht onderwijs. Misschien is het niet allemaal poep, maar we hebben behoefte aan een ventilator met een frisse onderwijswind. Om te beginnen voor die kinderen die aan die armzalige Haagse tuin wonen. 

Chat met een medewerker