Zorgen
Het is nog vroeg, maar GKJ (Geweldige Kleinzoon Jelte) staat al in de startblokken. Tenslotte is hij al twee uur klaarwakker, vertelt mama iets minder enthousiast. Samen halen we de kranten uit de brievenbus. Dat is nog een hele onderneming : jasje aan, laarsjes aan, fietsje naar buiten. Als we eindelijk bij de brievenbus zijn, leggen we de kranten achter in zijn fietsbakje. Ik duw hem op de terugweg een beetje, tenslotte wonen we boven op de Hondsrug.
Hij logeert een weekje met kleine zusje Nienke bij ons. Het is geweldig, hoewel je voor je rust beter een week op het gemeentehuis kan zitten. Alles komt voorbij: de bal, de schommel, het Griendtsveenpark, het kabouterbos in Odoorn en natuurlijk Wildlands.
Als je bijna twee bent, zijn veel dingen leuk. En dan mag je ook wel een beetje moe zijn of een beetje verdrietig. Wat zijn ze nog kwetsbaar, “ik zou je het liefste in een doosje willen doen”. Ze spelen nu zorgeloos in een mooie grote tuin in Weerdinge. Een eldorado voor kinderen. Maar de boze buitenwereld komt sneller dichterbij dan we aan het begin van de week hadden gedacht.
Ineens slaat de vlam weer eens in de pan in het Midden-Oosten. Met onvoorspelbare leiders als Trump aan het roer, durf je ’s ochtends amper je telefoon te bekijken wat er die nacht weer is gebeurd.
De jarige mevrouw van 101 heeft het die dag ook hoofdschuddend gehoord. “Maar eerst wat anders burgemeester, hoe is het nou met u”? Het ontroert me. Ben je de honderd gepasseerd, en dan maak je je nog oprecht zorgen om je medemens.
En tussen mooie verhalen over de kinderen en kleinkinderen, komt als vanzelf de oorlog ter sprake. Opvallend hoe beeldend veel honderdjarigen kunnen navertellen hoe de vliegtuigen vlogen (en neerkwamen), en hoe grimmig de Duitsers navraag konden doen. En ja, ook zij maken zich meer zorgen over de toekomst van hun lieve kleinkinderen dan om zichzelf.
Een dag later maakt ook de 94-jarige bruidegom na 65 jaar huwelijk zich oprecht kwaad over Trump en de zijnen: “hij bedenkt de eerste zet, maar kent hij ook de tweede en derde zet? Ik denk het niet”. En ook hier het filmisch vertelde verhaal over de jongen van 13 die van Amersfoort naar Nieuwleusen fietste voor eten. En hoe zijn vader werd meegenomen door de Duitsers. Maar ene Hermann (“dat was een goede”) liet hem ontsnappen en zorgde later zelfs voor kliekjes uit de kazerne.
“Maar nu, waar gaat het heen?,” zegt de opvallend scherpe oude man. Hij legt zijn rimpelige hand op de mijne en we kijken naar de jongste aanwinst. Drie maanden, even oud als onze Nienke. Hoe ziet haar wereld er over honderd jaar uit?

