Zeven jaar
De oude man van 90 vertelt het nog steeds geëmotioneerd. Hij woont in Apeldoorn, maar is elk jaar aanwezig bij de 4 mei-herdenking in Schoonebeek. Zijn schoonvader werd er in de Tweede Wereldoorlog omgebracht door de Duitsers. Ik reken snel uit dat hij aan het begin van de oorlog vier jaar moet zijn geweest. Hij ziet mij denken: “dat klopt, ik heb mijn schoonvader nooit gekend. Maar mijn inmiddels overleden vrouw heeft haar hele leven last gehad van die moord. Ik was min of meer getrouwd met dat beroerde voorval”.
“Maar hoe heeft u zelf de oorlog als jonge jongen ervaren?”. Als burgemeester kan je elke vraag kan stellen, zolang het oprecht bedoeld is. Ontroerd vertelt hij het verhaal dat hem zijn lange leven heeft achtervolgd. “Het was midden in de oorlog en alle brandstof was op. Mijn ouders stuurden mij met een vriendje van ook zeven jaar erop uit. Bij het station van Apeldoorn lagen links en rechts nog wel wat kolen”. Hij neemt even een adempauze, staart even in gedachten voor zich uit en vervolgt: “we werden al snel gesnapt door een Duitse soldaat. Deze bedacht zich niet en schoot mijn vriendje pardoes dood. Ik wist te ontkomen”. In de avond wordt zijn overleden kameraadje naar zijn ouders gebracht: “op een platte boerenkar, zonder iets erover. Het was afschuwelijk”. Ik leg een hand op zijn broze arm. Zo’n verhaal dat je meer dan tachtig jaar van je leven met je meesleept.
We gaan met alle genodigden naar de dorpskerk, die afgeladen vol is. Naast de oude man, zijn er nabestaanden van in Schoonebeek omgekomen piloten. Ook is er een afgevaardigde van de Australische ambassade. In de kerk vindt een indrukwekkende herdenkingsdienst plaats. In mijn toespraak memoreer ik een aantal gebeurtenissen van de oorlog in Schoonebeek. Net als de dominee ga ik in op de vraag wat we eigenlijk hebben geleerd van die vreselijke voorvallen. Het antwoord is voor mijn doen zorgelijk: “we leven in een tijdperk met wereldwijd 63 oorlogen. In ons eigen parlement worden vluchtelingen door sommige partijen verantwoordelijk gehouden voor alle maatschappelijke problemen. In Nederland heeft het ‘stille midden’ moeite om het genuanceerde verhaal te blijven houden”.
Er volgt een stille mars achter drie trommelaars. Met de kinderburgemeester leggen we kransen bij het burgermonument en bij de graven van de omgekomen vliegeniers. Het is de grote verdienste van de Stichting Luchtoorlog Onderzoek Drenthe, dat zij de gegevens en de afbeeldingen van de gesneuvelde piloten wist te achterhalen. Dat vergoot de waarde van de voortreffelijk georganiseerde 4 mei-herdenking in Schoonebeek. Zo’n herdenking is meer dan ooit noodzakelijk:
“Kom vanavond met verhalen
hoe de oorlog is verdwenen
En herhaal ze alle malen
Alle malen zal ik wenen”.

