‘Stoffen Henkie’
Als we op Madeira in het begin van de avond aankomen, hebben we nog zo’n 40 kilometer te rijden naar het hotel aan de noordkant van het eiland. Dat lijkt niet veel. Maar op het bergachtige Madeira rij je nooit langer dan een kilometer rechtuit. En dat met een huurautootje waarin ik als verwende Volvo-rijder voor het eerst in jaren weer gewoon moet schakelen.
Ik merk dat ik er al een hele dag op heb zitten. De dag begon vroeg op de markt. Dat deed mijn lieve Zwolse moeder ook altijd. Ik zie haar nog zo wegfietsen rond half 8 (“dan is het nog mooi rustig jongen”). Binnen een uur was ze weer terug met twee goed gevulde fietstassen.
Rond 8 uur is het op de Emmense markt ook nog rustig. Ik zie de eerste mensen vrolijk happen in een visje. Er verzamelt zich een groepje marktmeesters en journalisten. Gezamenlijk lopen we naar de kraam van “Stoffen Henkie”. Hij kijkt verrast op, druk als hij is met het uitpakken van de honderden rollen stof. Er volgt een brede lach. We kennen elkaar. Ik kom bijna elke week wel even op de markt. En altijd groet ik de immer vriendelijke man. Nu feliciteer ik hem met zijn tachtigste verjaardag. Bovendien staat hij vandaag precies 65 jaar op de markt. Dat laat ik even op me inwerken. Het betekent dat hij in mijn geboortejaar al aan het werk ging: “ik was 15 en pa zei, kom maar mee”. Het verveelt hem nog geen moment. Hij kan het nog steeds goed doen, “hoewel ik wel de jaartjes begin te merken”. Dat snap ik wel, als je op elke marktdag om kwart over drie naast je bed moet staan. Ik overhandig hem een mooie bos bloemen en een speldje met 65.
Als we dezelfde dag ’s avonds bij het dorpje van het hotel aankomen, is het een drukte van belang. Er is een festival gaande, waardoor het hotel lastig is te bereiken. Na drie rondjes spreken we toch maar even lief een agent aan. Hij probeert ons in zijn beste Portugees-Engels de weg te wijzen. Maar als hij doorheeft dat we er weinig van snappen, gaat hij ons met zwaailicht voor op de motor. Burgemeesters verdienen een escorte.
Het hotel aan de woeste zee is prachtig. Maar boven het gebulder van de golven horen we de dreunende muziek van het festival. Bij de balie wordt ons verteld dat de eindtijd 5 (!) uur is. Als ik dat 1 keer toesta in Emmen, kan ik ander werk zoeken. Tegen drie uur word ik er wakker van. Niet zeuren denk ik, als ik me nog een keer omdraai. Stoffen Henkie gaat alweer aan het werk.

