‘Ik dacht heel lang dat het wel goed zou komen’

Aaldert de Jong

Aaldert de Jong was al bijna vijftig toen hij voor zichzelf als zzp’er begon. Dat ging meer dan tien jaar goed, maar toen begonnen de problemen.

“Voordat ik zzp’er werd, werkte ik in de techniek. Ik heb van alles gedaan, ben loonwerker geweest en voorman. Na een hartinfarct  ging ik voorzichtig weer aan de slag in het kader van een re-integratietraject. Helaas was de betaling zeer onregelmatig en dat is niet fijn als je een gezin met jonge kinderen hebt, zoals ik toen.” 

ZZP’er

Op een dag reed hij achter een busje waar een telefoonnummer op stond van een bedrijf dat mensen zocht. “Ik heb gebeld en ze waren bereid het re-integratietraject over te nemen. Zo begon ik weer opnieuw. Het was echt een topbedrijf, maar de lat lag een beetje te hoog voor mij. Ik kon niet aan hun eisen voldoen. Ik ging weer solliciteren, maar dat leverde niets op. Ik was te oud voor loondienst. Toen besloot ik voor mezelf te beginnen. Ik wist eigenlijk niet goed waar ik aan begon, ik ging gewoon het avontuur aan.”

Aaldert had een goede start. Er was genoeg werk en na een paar maanden had hij geen uitkering meer nodig. “In het begin was ik behoorlijk zuinig. Mijn vrouw  verdiende geld als kinderoppas, dus het zat wel goed met ons inkomen. Ik ging steeds meer investeren in mijn bedrijf. Er kwam een grotere auto en op den duur had ik heel veel gereedschap. Als een klant ergens om vroeg, had ik het bij me. Dat was een goed visitekaartje.”

Gouden periode

“Op een bepaald moment werkte ik als zzp’er volledig voor de onderhoudsdienst van de Avebe. Dat was echt een gouden tijd, maar na verloop van tijd begon de koppelbaas die dit regelde, te zeuren. ‘Denk erom dat je minstens drie opdrachtgevers hebt!’ Ik vond het erg irritant, want daar had ik toch helemaal geen tijd voor! Toen hij er op een slecht moment weer over begon – ik was boos omdat ik net gehoord had dat de fiets van mijn dochter gestolen was –, was ik weg. Ja, ja, ik kan echt heel chagrijnig zijn!”

Maar als je een deur dicht gooit, gaat vaak een andere deur weer open. “Via contacten uit het verleden kwam ik snel weer aan het werk in Raalte. De volgende gouden periode brak aan. Totdat het bedrijf zag hoeveel uren ik maakte en zich realiseerde dat er kennelijk werk genoeg was. Ze namen een jongere werknemer aan om die op te leiden voor ‘mijn’ functie. Ik deed hetzelfde werk, maar kreeg veel minder uren. In diezelfde periode kreeg ik ook weer last van mijn rug.” 

Lening

Aaldert woonde ondertussen alleen en kreeg steeds meer moeite om rond te komen. “Ik ging naar Bureau Zelfstandigen van de gemeente voor een uitkering. Door mijn onregelmatige inkomsten – ik probeerde het ene gat met het andere te stoppen – had ik toen al een huurachterstand. De uitkering ging door, op voorwaarde dat ik het zou terugbetalen als ik weer meer ging verdienen. Vervolgens kwam het werk ineens weer op gang. Ondanks mijn rug pakte ik alle klussen aan. Het gevolg: ik verdiende de laatste twee maanden van het jaar zóveel dat ik tien maanden uitkering terug moest betalen. Toen knapte er iets in me. Ik ben gestopt als zzp’er en ging op zoek naar vacatures via het internet. Ik heb heel wat reacties verstuurd, maar zonder succes.” 

Funest

De schulden stapelden zich steeds verder op. “Als je alleen woont, kun je jezelf van alles vertellen, er is niemand die je corrigeert, dat is funest. En ik schaamde me, en schaamte is een bijzonder slechte raadgever. Ik was er lang van overtuigd dat ik het wel zou gaan redden. Ik dacht, er komt een moment dat ik de boel weer op orde heb.” 

“Het was geen leuke tijd. Als je zo weinig geld hebt, werkt dat overal in door. Je wast minder vaak, want wasmiddelen zijn duur. Je zondert je steeds verder af, sociale contacten kosten immers ook geld. Ik had bijna altijd dezelfde kleren aan, geen geld voor een cadeautje, dus ik kwam niet meer op verjaardagen. Twee keer per jaar kreeg ik visite thuis, op mijn verjaardag en met Kerst. Dan zorgde ik wel dat er wat op tafel stond. Ik liet de post dicht en deed ook de deur niet meer open. Iedereen laat je met rust, dus als iemand dringend aanklopt, weet je wel hoe laat het is. Ik voelde me alleen.”  

Grens

Toen huisuitzetting dreigde, was voor Aaldert de grens bereikt. “Dat was de ultieme nederlaag, toen kwam ik in beweging. Ik vroeg schuldbemiddeling aan bij de gemeente.” Als eerste stap kwam een budgetcoach langs. “Samen hebben we inkomsten en uitgaven op een rij gezet. Ik moest keuzes maken. Weg met de voetbalzenders bijvoorbeeld. Dat deed pijn, want daar had ik tenminste nog wat plezier van. Uiteindelijk zorgde de gemeente voor betalingsregelingen. Er brak een nieuwe fase aan. Nu, na vier jaar, ben ik uit de schuldbemiddeling. De periode van schaamte, schuld en afzondering heb ik nu definitief afgesloten.” 

Schulden voorkomen

Aaldert vindt dat de gemeente meer moet investeren in het eerder oppikken van signalen om schulden te voorkomen. “Ook voorlichting is belangrijk. Niemand vertelde mij bijvoorbeeld dat ik huurtoeslag aan kon vragen.” Vanuit zijn rol bij de Cliëntenraad Participatiewet schreef hij er een stuk over: ‘Schulphulpverlening in Emmen compleet’.